Verkeersregels · borden F5 en F6
Bij bord F5 mag je als bestuurder niet doorgaan wanneer verkeer uit de tegengestelde richting de smalle passage nadert. Bij bord F6 moeten bestuurders uit de andere richting verkeer uit jouw richting voor laten gaan.
Zie je bord F5, dan mag je als bestuurder niet door de smalle passage gaan wanneer verkeer uit tegengestelde richting nadert. Zie je bord F6, dan moeten bestuurders uit tegengestelde richting verkeer uit jouw richting voor laten gaan. Zonder F5 of F6 geldt geen bijzondere doorgangsopdracht uit deze borden. Moet je om een obstakel heen het voor tegemoetkomend verkeer bestemde weggedeelte gebruiken, dan is het volgens de officiële CBR Rijprocedure normaal dat je dat verkeer voor laat gaan. Blijf altijd zo rijden dat je binnen de zichtbare en vrije afstand kunt stoppen en geen gevaar of hinder veroorzaakt.
Een wegversmalling lijkt vaak eenvoudig: één doorgang en verkeer uit twee richtingen. Toch gaat het mis wanneer iemand alleen naar de paaltjes, geparkeerde voertuigen of de stoep kijkt. Bij een geregelde passage volgt de juridische opdracht uit het bord dat voor jouw rijrichting geldt: F5 of F6.
Zo herken je F5 en F6
Jij mag niet doorgaan bij naderend tegenverkeer
F5 is rond, heeft een rode rand en toont een rode pijl omhoog naast een zwarte pijl omlaag. De officiële betekenis is: verbod voor bestuurders door te gaan bij nadering van verkeer uit tegengestelde richting.
De andere richting moet jouw richting voor laten gaan
F6 is blauw en toont een witte pijl omhoog naast een rode pijl omlaag. De officiële betekenis is: bestuurders uit tegengestelde richting moeten verkeer dat van jouw richting nadert voor laten gaan.
| Wat zie je? | Wat is de regel? | Wat doe je? |
|---|---|---|
| F5 voor jouw rijrichting | Je mag als bestuurder niet doorgaan bij nadering van verkeer uit tegengestelde richting. | Wacht wanneer verkeer uit tegengestelde richting nadert. Is de passage al bezet, rijd dan evenmin naar binnen totdat deze vrij en veilig te gebruiken is. |
| F6 voor jouw rijrichting | Bestuurders uit tegengestelde richting moeten verkeer uit jouw richting voor laten gaan. | Controleer eerst of de passage zichtbaar en vrij is. Rijd niet door als je daarmee gevaar, hinder of een blokkade veroorzaakt. |
| Geen F5 of F6 | Er geldt geen bijzondere doorgangsopdracht uit F5 of F6. De gewone verkeersregels en veiligheidsplichten blijven gelden. | Volgens de CBR Rijprocedure laat je tegemoetkomend verkeer voorgaan wanneer je voor een obstakel op het voor dat verkeer bestemde weggedeelte komt. Bij onvoldoende ruimte vertragen beide bestuurders en stoppen zij zo nodig. |
Artikel 62 RVV 1990 verplicht weggebruikers gevolg te geven aan verkeerstekens die een gebod of verbod inhouden. De officiële opdrachten van F5 en F6 staan in bijlage 1 bij het RVV. Daarnaast blijven artikel 19 RVV en artikel 5 Wegenverkeerswet 1994 gelden: een bestuurder moet binnen de zichtbare en vrije afstand kunnen stoppen en niemand mag gevaar of verkeershinder veroorzaken of kunnen veroorzaken. Wissel je daadwerkelijk van rijstrook, dan geldt bovendien artikel 54 RVV en moet je het overige verkeer voor laten gaan.
Wat betekent ‘bij nadering van verkeer’ bij F5?
F5 sluit de passage niet volledig af. Het verbod geldt wanneer verkeer uit tegengestelde richting nadert. De wet noemt daarbij geen vaste afstand in meters. Nadert verkeer de passage uit de andere richting, dan ga je er niet in. Is de smalle passage al bezet, dan wacht je eveneens totdat deze vrij en veilig te gebruiken is. Nadert er geen verkeer uit tegengestelde richting, dan verbiedt F5 de passage niet.
De tekst van F5 zegt ‘verkeer’ en niet alleen ‘motorvoertuigen’. Het RVV definieert verkeer als alle weggebruikers. Een naderende fietser, bromfietser, motorrijder, automobilist of voetganger kan dus onder die formulering vallen. Beoordeel steeds of die weggebruiker de smalle passage uit de tegengestelde richting nadert of al gebruikt.
‘Het obstakel staat aan de kant van de tegenligger, dus ik mag door’ is bij een met F5 en F6 geregelde passage geen juiste redenering. Kijk naar het bord dat voor jouw rijrichting geldt. F5 kan jou verbieden door te gaan, ook wanneer de fysieke versmalling vooral aan de andere kant van de weg ligt.
Geeft F6 je een vrijbrief om door te rijden?
Nee. F6 legt de verplichting bij bestuurders uit tegengestelde richting, maar zet andere verkeersregels niet buiten werking. Je moet de passage kunnen overzien en je voertuig binnen het zichtbare en vrije weggedeelte tot stilstand kunnen brengen. Ook mag je geen gevaar of hinder veroorzaken of kunnen veroorzaken.
Staat of rijdt er al verkeer in de smalle doorgang, dan is die doorgang niet vrij. F6 geeft je geen recht om de doorgang te blokkeren, een aanrijding te riskeren of een weggebruiker die al in de passage is tot achteruitrijden te dwingen. Wacht totdat je zonder conflict kunt passeren.
Wat als er geen F5 of F6 staat?
Zonder F5 of F6 volgt uit de plaats van een wegversmalling of obstakel geen afzonderlijke wettelijke F5- of F6-regel. De vaak gebruikte zin ‘wie het obstakel aan zijn kant heeft, moet altijd wachten’ is daarom geen letterlijk voorschrift uit het RVV.
Dat betekent niet dat je om een obstakel heen zomaar het voor tegemoetkomend verkeer bestemde weggedeelte mag oprijden. De officiële CBR Rijprocedure zegt dat het onderwerp ‘voor laten gaan’ bij het voorbijgaan van een obstakel niet verwijst naar een afzonderlijke, expliciet wettelijk geregelde verplichting, maar dat het normaal is om tegemoetkomend verkeer voor te laten wanneer je op het voor dat verkeer bestemde weggedeelte komt. Moet je daadwerkelijk van rijstrook wisselen, dan is artikel 54 RVV rechtstreeks van toepassing en laat je al het overige verkeer voor gaan.
Is de beschikbare ruimte te klein om elkaar ongehinderd te passeren, dan hebben beide bestuurders volgens de CBR Rijprocedure dezelfde veiligheidsplicht uit artikel 5 WVW. Verminder tijdig snelheid, stop zo nodig en los de situatie onderling op. Staan aan beide kanten obstakels, dan bestaat dus niet automatisch voor één kant een wettelijk vastgelegd recht om als eerste te rijden.
Gelden F5 en F6 ook voor voetgangers?
Bij F5 en F6 moet je onderscheid maken tussen degene op wie de verplichting rust en het verkeer dat wordt beschermd. Artikel 1 RVV omschrijft bestuurders als alle weggebruikers behalve voetgangers. Een voetganger is daarom niet zelf de bestuurder tot wie het F5-verbod is gericht.
Voor een bestuurder die F5 ziet, is een voetganger uit de andere richting wél relevant wanneer die voetganger dezelfde smalle passage nadert of gebruikt. F5 spreekt namelijk over naderend ‘verkeer’ en het RVV verstaat daaronder alle weggebruikers. In zo’n situatie mag de bestuurder met F5 niet doorgaan.
Bij F6 rust de verplichting op de bestuurders uit tegengestelde richting. Zij moeten ‘verkeer’ uit de F6-richting voor laten gaan. Ook dat begrip omvat voetgangers die dezelfde passage vanuit de F6-richting naderen of gebruiken. Loop je met een fiets, bromfiets of motorfiets aan de hand, dan gelden volgens artikel 2 lid 2 RVV de regels voor voetgangers. Stap je op en rijd je, dan ben je bestuurder.
Vier situaties stap voor stap
F5 en een naderende fietser
Jij rijdt auto en ziet F5. Uit de andere richting nadert een fietser de smalle passage. De fietser is verkeer uit tegengestelde richting. Jij rijdt de passage niet in.
F5 en een naderende voetganger
Jij bent bestuurder en ziet F5. Een voetganger nadert dezelfde smalle passage uit de andere richting. De voetganger is geen bestuurder, maar wel verkeer. Het F5-verbod geldt daarom voor jou.
F6, maar de passage is al bezet
Jij ziet F6, maar een tegenligger bevindt zich al in de smalle doorgang. F6 is geen vrijbrief om door te rijden. Wacht totdat de passage vrij is en je veilig kunt passeren.
Geen borden en een obstakel aan jouw kant
Om het obstakel te passeren moet je het weggedeelte voor tegemoetkomend verkeer gebruiken. Laat het naderende verkeer passeren, kijk goed en rijd pas uit wanneer dat zonder gevaar of hinder kan.
Zo lees je de situatie zonder te gokken
- Zoek het bord voor jouw rijrichting. Let op de zijde waarnaar het bord is gericht; een bord aan de overkant kan voor de tegenligger bedoeld zijn.
- Lees de officiële opdracht letterlijk. F5 verbiedt bestuurders door te gaan bij naderend verkeer uit de andere richting. F6 verplicht bestuurders uit de andere richting om verkeer uit jouw richting voor te laten gaan.
- Controleer wie de passage nadert of al gebruikt. ‘Verkeer’ omvat meer dan alleen auto’s.
- Kijk of de passage zichtbaar en vrij is. F5 en F6 zetten artikel 19 RVV en artikel 5 WVW niet buiten werking.
- Zonder borden: kijk welk weggedeelte je gaat gebruiken. Kom je voor een obstakel op het deel voor tegemoetkomend verkeer, laat dat verkeer dan passeren. Wissel je van rijstrook, dan geldt artikel 54 RVV.
Bij F5 mag jij als bestuurder niet doorgaan wanneer verkeer uit tegengestelde richting de passage nadert. Bij F6 moeten bestuurders uit tegengestelde richting verkeer uit jouw richting voor laten gaan. Controleer daarna altijd of de passage zichtbaar, vrij en veilig is.
Veelgestelde vragen over wegversmallingen
Wie moet wachten bij bord F5?
De bestuurder voor wie bord F5 geldt, mag niet doorgaan wanneer verkeer uit tegengestelde richting de smalle passage nadert. Is de passage al bezet, wacht dan eveneens totdat deze vrij en veilig te gebruiken is.
Wat betekent bord F6?
Bord F6 betekent dat bestuurders uit tegengestelde richting verkeer dat van jouw richting nadert voor moeten laten gaan. F6 is geen vrijbrief: de passage moet zichtbaar en vrij zijn en je mag geen gevaar, hinder of blokkade veroorzaken.
Heeft de bestuurder met het obstakel aan zijn kant altijd een wettelijke wachplicht?
Nee. De plaats van het obstakel is zonder F5 of F6 geen afzonderlijke wettelijke voorrangsregel. Moet je voor het obstakel het voor tegemoetkomend verkeer bestemde weggedeelte gebruiken, dan is het volgens de officiële CBR Rijprocedure normaal dat je dat verkeer voor laat gaan. Bij een echte rijstrookwisseling geldt artikel 54 RVV.
Mag je bij F5 doorrijden als er geen verkeer uit tegengestelde richting nadert?
Ja. F5 verbiedt het doorgaan bij nadering van verkeer uit tegengestelde richting. Nadert er geen verkeer en is de passage zichtbaar, vrij en veilig, dan verbiedt F5 niet om door te rijden.
Moet je bij F5 ook wachten op een fietser of voetganger?
Als bestuurder wel, wanneer die weggebruiker dezelfde smalle passage uit de andere richting nadert. F5 spreekt over verkeer uit tegengestelde richting en het RVV definieert verkeer als alle weggebruikers. Zowel een fietser als een voetganger kan daarom onder die formulering vallen.
Geldt het F5-verbod rechtstreeks voor een voetganger?
Nee. F5 bevat een verbod voor bestuurders en een voetganger is volgens artikel 1 RVV geen bestuurder. Een voetganger kan wel het tegemoetkomende verkeer zijn waarvoor een bestuurder met F5 moet wachten.
Wat gebeurt er zonder borden als aan beide kanten obstakels staan?
Dan heeft niet automatisch één richting een wettelijk vastgelegd recht om als eerste te rijden. Beide bestuurders moeten gevaar en hinder voorkomen, hun snelheid aanpassen en zo nodig stoppen. Los de passage onderling en zonder afdwingen op.
Verkeersregels leren toepassen
Een bord herkennen is stap één. Bij TurboTheorie oefen je ook hoe je de regel in een complete verkeerssituatie toepast.